Andere Enneagramtesten

verdedigingstest

Overige testen

We geven je nog een paar testen om nog meer zekerheid over jouw type te krijgen.

 

Ontslag

Je baas roept je bij zich. Hij meldt dat hij niet tevreden over je is en dat je ontslagen bent.

Hierna volgen negen reacties.

 

De Eén zegt ironisch: ‘U hebt mij het ontslag op een eerlijke manier meegedeeld.’

De Twee huilt en zegt: ‘Wat een rotstreek. Ik heb me volledig voor u ingezet en altijd klaargestaan. Maar waardering? Ho maar!’

De Drie zegt: ‘U moet zich vergissen want dit bedrijf kan niet zonder mijn talenten en mijn inzet.’

De Vier zegt verdrietig: ‘Ik voelde dit al aankomen. Het zat er gewoon in dat ik ontslagen zou worden.’

De Vijf zegt: ‘Heel interessant, uw aanpak om iemand te ontslaan.’

De Zes zegt: ‘Het is úw schuld. Had me dan maar duidelijker uitgelegd wat u van mij verwachtte.’

De Zeven zegt: ‘Fantastisch! Nu kan ik eindelijk al die leuke dingen gaan doen die ik al zo lang in mijn hoofd heb.’

De Acht zegt: ‘U bent niet in staat om optimaal gebruik te maken van mijn talenten. Ik wíl hier niet eens meer werken!’

De Negen zegt: ‘Maakt u zich geen zorgen, ik heb thuis genoeg te doen.’

 

Welke reactie is het meest typerend voor je?

 

WAT IS JE GROOTSTE VERLANGEN?

(In volgorde van Enneatype)

Maak een keuze uit het verlangen dat het beste bij jou past.

1. Het bij het rechte eind te hebben

2. Geliefd te zijn

3. Geaccepteerd te worden

4. Mezelf te begrijpen

5. Alles te begrijpen

6. Zekerheid te hebben

7. Bevredigd te worden

8. Op mezelf te kunnen vertrouwen

9. Verbinding met anderen te hebben

 

WAT IS JE GROOTSTE ANGST

(in volgorde van Enneatype)

1. Veroordeeld te worden

2. Niet geliefd te zijn

3. Afgewezen te worden

4. Tekort te schieten

5. Iets niet te begrijpen

6. Verlaten te worden

7. Iets te missen

8. Onderworpen te zijn aan anderen

9. Verbroken relaties met anderen

 

WAT WIL JE

(in volgorde van Enneatype)

1. Ik wil het altijd beter doen

2. Ik wil goed genoeg zijn voor anderen

3. Ik wil succes hebben in alles wat ik doe

4. Ik wil liefde

5. Ik wil weten hoe zaken in elkaar steken

6. Ik wil duidelijk weten waar ik aan toe ben

7. Ik wil genieten en plezier hebben

8. Ik wil mijn dierbaren beschermen

9. Ik wil genieten zonder ruzies

 

WAT ZIJN VOOR JOU BESLISSINGSCRITERIA

(in volgorde van Enneatype)

1. Ik neem beslissingen door de regels in acht te nemen

2. Ik neem beslissingen door dienstbaar te zijn aan anderen

3. Ik neem beslissingen door me op het resultaat te richten

4. Ik neem beslissingen vanuit mijn gevoel

5. Ik neem beslissingen door mijn verstand te gebruiken

6. Ik neem beslissingen door te kijken naar wat er mis kan gaan

7. Ik neem beslissingen impulsief zoals het moment aangeeft

8. Ik neem beslissingen door uit te gaan van mijn kracht

9. Ik neem beslissingen door naar harmonie te streven

 

WAT PAST BIJ JOU

(in volgorde van Enneatype)

1. Ik ben kritisch

2. Ik ben behulpzaam

3. Ik ben altijd met werk bezig

4. Ik ben anders dan anderen

5. Ik ben wat ik weet

6. Ik ben trouw

7. Ik ben gelukkig

8. Ik ben sterk

9. Ik ben tevreden

 

Welk type komt nu het sterkst naar voren?

 

Verdedigingsmechanismen

Je hebt één sterke verdediging die je steeds weer gebruikt. Welke is dat?

De negen verdedigingsmechanismen zijn:

 

• Verdringing (onderdrukking, repressie)

Het verdedigingsmechanisme verdringing zorgt ervoor dat je je niet bewust wordt van je eigen behoeften.

Er is sprake van onderdrukking van gevoelens. Je voelt je ontzettend rot want je hebt thuis ruzie gekregen en hebt eigenlijk een schouder nodig om op uit te huilen. Een vriendin vertelt je dat haar kind erg ziek is en haar man dat niet goed aan kan waardoor ze er helemaal alleen voor staat. In plaats van aan je eigen behoeften te denken ga je de ander helpen en ondersteunen. Je eigen behoeften worden onderdrukt. Het verdriet en de zorgen van de ander vind je veel belangrijker.

Bij onderdrukking is er sprake van een splitsing van het bewustzijn tussen een bewust deel dat er niets mee te maken wil hebben en een onbewust deel dat zegt dat er wél iets aan de hand is. Bij repressie heb je bewust niet in de gaten wat er aan de hand is. Een ander ziet wel dat er wat is maar jij ziet dat niet.

 

• Introjectie (gevoelens of gedachten van anderen onbewust aan jezelf toeschrijven)

Het verdedigingsmechanisme introjectie zorgt ervoor dat je je niet bewust wordt van de alledaagsheid in je leven.

Introjectie staat voor: je voelen als.

Introjectie is een primitieve vorm van identificatie. Je hebt vroeger geleerd om netjes te blijven en je keurig te gedragen. Dat stemmetje hoor je nu nog steeds. Je beseft niet dat het de stem van de vader of de moeder is. Het is een interne stem. Als je maar lang maar genoeg naar die stem luistert, ga je denken dat je het zelf bent. Ga je echter dieper graven dan blijkt het wel degelijk de stem van je vader of moeder te zijn. In zulke gevallen moet je erachter zien te komen: ben ik dit zelf of hoor ik de stem van mijn moeder of vader?

Deze mensen nemen vaak de emoties van anderen over en kunnen dan het onderscheid niet maken of het hun eigen emotie is of die van een ander. Ze raken vaak emotioneel uit balans door labiele emoties van anderen in hun omgeving.

 

• Identificatie (vereenzelviging)

Het verdedigingsmechanisme identificatie zorgt ervoor dat je je niet bewust wordt van je onbelangrijkheid en je falen.

Er is een verschil tussen informatie en identificatie.

Als je leest dat iedereen die op 1 januari 1946 geboren is, een onderzoeker is, dan is dat voor jou informatie. Maar als je leest: iedereen die op 11 december 1945 geboren is, is gek en je bent toevallig op 11 december geboren of je kent iemand die dat is, dan identificeer je je daarmee. Dan spring je op en zeg je: ‘Wie beweert dat?’ Het gaat ook vaak om identificatie met materie die jou een gevoel van succes geeft. Je wilt de verkoop van een door jou vertegenwoordigd product bewerkstelligen maar de klant laat het op het laatste moment afweten. Je weigert het gevoel van falen toe te laten en fixeert je op je prachtige auto en je mooie kleding. Je denkt onbewust: ‘Ik rij toch lekker in een dure auto en heb niets te klagen.’

Je kunt je met alles identificeren; met je beroep, sport, je gezin of met een idool. Je identificeert je vaak met dat deel van jezelf dat succes wil hebben. Wat je daarmee beoogt is dat je alle negatieve gedachten en gevoelens over falen wegdrukt. Mensen met dit verdedigingsmechanisme zeggen vaak dat falen in hun woordenboek niet voorkomt. Ze willen er niet mee geconfronteerd worden.

 

• Isolatie (afsluiten van de buitenwereld)

Het verdedigingsmechanisme isolatie zorgt ervoor dat je je niet bewust wordt van het feit dat je iets niet weet.

Isolatie wordt ook wel dissociatie (afstand nemen van) genoemd. Iemand neemt afstand van zijn gevoelens (emoties) en stopt elk gevoel in een apart vakje. Daardoor kan hij abstract denken en objectief handelen. Stel dat je een goede relatie hebt. Je gaat naar je werk en werkt de hele dag hard. Je komt rond zes uur thuis en je partner vraagt of je nog aan hem of haar hebt gedacht. ‘Hoe bedoel je?’ vraag je verbaasd. Je beseft niet dat je, toen je 's morgens naar je werk ging, jouw gevoel thuis liet. Je krijgt het gevoel pas terug als je weer thuis bent. Geen wonder dat je op je werk niet aan je partner denkt. Isolatie is terugtrekken en er op afstand naar kijken. Je laat een ander niet in je emoties delen en je trekt je volkomen terug. Mensen die met dit verdedigingsmechanisme zijn in het algemeen gevoelige mensen die bot op anderen over kunnen komen.

 

• Projectie (gevoelens of gedachten van zichzelf onbewust toeschrijven aan anderen)

Het verdedigingsmechanisme projectie zorgt ervoor dat je je niet bewust wordt van je onzekerheid.

Je projecteert je eigen onzekerheid of woede op een ander. Met behulp van ongewenste gevoelens wordt deze woede verschoven naar de ander. Je legt het probleem bij iemand anders neer. Je maskeert je eigen onzekerheden. Je zoekt steeds ergens iets achter en dat gaat vormen aannemen in je hoofd. Er ontstaat een beeld waarbij je je eigen boosheid gaat projecteren. Je baas zegt tegen je: ‘Dat heb je niet goed gedaan.’ Je antwoordt: ‘Dan hebt u het niet goed uitgelegd.’ Ander voorbeeld. Je chef zegt: ‘Dat heb je heel goed gedaan.’ Je denkt dat er nog iets achteraan komt maar dat komt niet. Je twijfelt aan zijn woorden. Je projecteert je gevoel op de ander.

 

• Reactieformatie (tegenovergestelde reactie)

Het verdedigingsmechanisme reactieformatie zorgt ervoor dat je je niet bewust wordt van je onvolkomenheid en je beperktheid.

Er wordt een tegenovergestelde reactie gegeven van datgene wat je eigenlijk wilt zeggen. Je hebt niet in de gaten dat je het tegenovergestelde antwoord geeft. Dat realiseer je je pas achteraf.

Je verheugt je op een etentje met een vriend. Je hebt alles in huis gehaald en bent al bezig met de voorbereidingen als de vriend opbelt en zegt dat het hem erg spijt maar dat hij plotseling verhinderd is. Je zegt: ‘Geeft niks, dan doen we het toch een volgende keer!’ Maar diep van binnen ben je enorm teleurgesteld. Je had willen zeggen: ‘Waarom bel je zo laat? Had dat eerder gedaan dan had ik al die voorbereidingen niet hoeven treffen. Ik vind het echt onbehoorlijk dat je me op het laatste moment belt!’ Om je tegen de teleurstelling te beschermen formeer je het tegenovergestelde: ‘Het maakt niet uit.’

Dit voorbeeld komt voort uit een ervaring van vroeger, een bepaald gevoel, een bepaalde gedachte die je ooit had. Als er nu iets gebeurt wil je niet met hetzelfde gevoel geconfronteerd worden en daarom formeer je een tegengestelde reactie. Je veroordeelt vaak iets. Aan mensen die dit verdedigingmechanisme hanteren, kun je merken dat er een onverwachte reactie volgt zonder dat ze dat zelf in de gaten hebben. Het gaat volkomen automatisch. Als men jou ermee confronteert zul je het in eerste instantie ontkennen. Als je dit verdedigingsmechanisme gebruikt en je herkent het kun je de trance die de reactieformatie is, doorbreken en je horizon verbreden.

 

• Rationalisatie (het construeren van een redelijke verklaring)

Het verdedigingsmechanisme rationalisatie zorgt ervoor dat je je niet bewust wordt van verdriet en pijn.

Rationalisatie betekent: het met overredingskracht kunnen construeren van een redelijke verklaring voor je gedrag.

Een rationalisatie die mensen met dit verdedigingsmechanisme veel gebruiken is: als ik plezier heb, heeft iedereen plezier. Ze hebben overal aanvaardbare excuses voor. Je bent bijvoorbeeld, als klein kind, ooit in het ziekenhuis geweest om je vader te bezoeken. Dat gaf je een rotgevoel. Het is dertig jaar later en één van je beste vrienden ligt in het ziekenhuis. Het sneeuwt. Je moet eigenlijk naar je vriend toe maar zegt dat je het onverantwoord vindt om met dit weer de auto te pakken. Wat je in feite doet is het gevoel oproepen dat je vroeger in het ziekenhuis had, waarop de rationalisatie volgt dat als het sneeuwt, het gevaarlijk glad is. Het nare gevoel van het ziekenhuis komt dan niet meer boven. Het gevoel dat eigenlijk opgeroepen werd wordt weggeschoven. Dit verdedigingsmechanisme beschermt je tegen ongewenste teleurstellingen.

 

• Zelfverdoving (het zich niet bewust zijn)

Het verdedigingsmechanisme zelfverdoving zorgt ervoor dat je je niet bewust wordt van conflicten.

Je bent je onbewust van het onbewuste. Je hebt geen contact met je innerlijke beelden en geluiden. Je hebt geen interne dialoog. Je verliest het contact met jezelf. Je bent je niet bewust van je buitenwereld. Je zit bijvoorbeeld te lezen en je krijgt bezoek. Je hoort niet wat die ander tegen je zegt want mentaal zit je totaal ergens anders. Een ander voorbeeld is dat je thuiskomt na een dag hard gewerkt te hebben en je duikt direct in de krant. Na een half uur roept je partner dat het eten klaar is maar je hoort niets en je leest rustig verder.

Een heel andere vorm van zelfverdoving is als twee mensen met elkaar in gesprek zijn. Je ziet aan de één dat hij luistert maar er totaal niet bij is met zijn gedachten. Je kunt heel vriendelijk doen tegen iemand en rustig luisteren terwijl je met je gedachten heel ergens anders zit. Toch heeft die ander de indruk dat je luistert. Je verdooft jezelf en je bent er gewoon niet.

 

• Ontkenning (iets bewust niet willen weten of voelen)

Het verdedigingsmechanisme ontkenning zorgt ervoor dat je je niet bewust wordt van je eigen kwetsbaarheid.

Ontkenning betekent dat je iets niet wilt weten en niet wilt voelen. Hierbij speelt de wil een grote rol. Je zegt tegen jezelf: ‘Ik wil dit niet.’ Je ontkent het en kunt het herkennen door de kracht waarmee het wordt afgewezen. Mensen met dit verdedigingsmechanisme wijzen iets met kracht af. Heel vaak zijn dit ook zwart-wit denkers. ‘Het is zwart of het is wit, en met de rest heb ik niks te maken.’ Gevoelens van zwakte en emoties hebben ze niet. ‘Ik moet sterk zijn.’ ‘Emoties en gevoelens horen niet bij mij.’ ‘Ik ben sterk.’ In ontkenning zit een duidelijke keus: ‘Ik wil dit niet.’

 

Oefening

De kunst is om te achterhalen hoe het komt dat je doet zoals je doet.

De oefening kun je in je eentje doen maar ook met z’n tweeën. Ga door alle verdedigingsmechanismen heen en wees eerlijk tegen jezelf. Kijk naar jezelf, met al je beperkingen, en ga zo ver mogelijk terug in je jeugd.

 

Stel hierbij de volgende vragen en vul elke keer het verdedigingsmechanisme in.

VRAGEN

1. Wat betekent ........... voor mij? Omschrijf dat in het kort.

2. Hoe heeft de .......... mij geholpen als reactie op teleurstellingen en moeilijke situaties in mijn leven?

3. Heb ik vat op het verdedigingsmechanisme ............. of gebeurt het elke keer opnieuw?

 

Deze vragen stel je bij alle negen verdedigingsmechanismen en vervolgens vul je de antwoorden in.

Als je ze allemaal doorlopen hebt stel je een top-drie samen van de verdedigingsmechanismen die het meest op jou van toepassing zijn. In welke drie verdedigingsmechanismen herken je jezelf het best? Als we de psychodynamica van iedere persoonlijkheid zouden bestuderen zou je constateren dat iedere persoon minstens drie basis-verdedigingsmechanismen heeft. Daarom is het verstandig om voor jezelf een top-drie samen te stellen.

Schrijf daarna de drie verdedigingsmechanismen op waarin je jezelf absoluut niet herkent.

 

Welk verdedigingsmechanisme is bij jou het meeste aanwezig?

 

 

 

 

terug